3. Gaven – de weg van de liefde | Verwerkingsvragen

1 Korintiërs 13

Wat heb jij in de preek gehoord?

  1. Wat betekent het dat de liefde ‘de weg’ wordt genoemd?
  1. Wat is de relatie tussen ambt en gave? Betrek de tekst uit Efeziërs erbij.

(De verhoogde) Christus is het die apostelen heeft aangesteld, en profeten, evangelieverkondigers, herders en leraren, om de heiligen toe te rusten voor het werk in zijn dienst. Zo wordt het lichaam van Christus opgebouwd.

Efeziërs 4 vers 11-12

3.         Wat is de relatie tussen de volgende teksten?

Richt u op (streef naar) de hoogste gaven. Maar eerst wijs ik u een weg die nog voortreffelijker is

1 Korintiërs 12:31b

Jaag de liefde na en streef naar de gaven van de Geest, vooral naar die van de profetie.

1 Korintiërs 14:1

 


Wat is je mening?

  1. Ben je verplicht je talent (op je werk) ook als gave (in de kerk) in te zetten?
  1. Hoe kun je streven naar de gaven van de Geest?

Streef naar de gaven die God aan ons geeft:
veelkleurig, verschillend en dienstbaar.

  1. Heb je wel eens met je ouderling of diaken gepraat over inzet van je gave(n) in de gemeente? Hebben ze je wel eens gevraagd iets te doen?
  1. Hoe breng je de liefde in praktijk?
  1. Bespreek deze stelling:

De ‘lijsten’ van gaven in het Nieuwe Testament zijn voorbeelden: iedere gemeente krijgt wat ze in haar situatie nodig heeft. In Rome gaf de Geest andere gaven dan in Korinte. In Zwijndrecht wil de Geest ons toerusten met gaven om in onze tijd en cultuur open kerk te zijn.

  1. Lees dit stukje uit een preek van Jonathan Edwards. Ben je het ermee eens?

De bijzondere gaven zijn bijkomstige zaken. Ze zijn gelijk een mooi kleed, dat de natuur van de mens, die het draagt, niet vernieuwt. Ze zijn gelijk aan kostbare juwelen, waarmee het lichaam versierd kan worden. De ware genade echter is die gave, waardoor de ziel zelf een kostbaar juweel wordt.

  1. Verlang je naar de hemel?

 


Toetje

Als je nog puf hebt, bespreek dan als voorbereiding op hoofdstuk 14 wat daar staat over profetie en klanktaal (tongentaal):

Profetie - 1 Korintiërs 14 vers 2-3

Iemand die in klanktaal spreekt, spreekt niet tot mensen maar alleen tot God. Niemand kan hem verstaan, want door toedoen van de Geest spreekt hij onbegrijpelijke taal. Maar iemand die profeteert spreekt tot mensen, en wat hij zegt is opbouwend, troostend en bemoedigend.

Klanktaal - 1 Korintiërs 14 vers 20-22a

Broeders en zusters, wees in uw denken niet als kinderen. Wees kinderen in het kwaad, maar wees in uw denken volwassen. Er staat in de wet: ‘Ik zal tot dit volk spreken door mensen die vreemde talen spreken, door de mond van vreemdelingen, en zelfs dan zullen ze niet naar mij luisteren – zegt de Heer.’

Klanktaal is dus een teken dat niet bestemd is voor gelovigen, maar voor ongelovigen.

Reacties zijn gesloten.